Summoned

Sessie 127

Dag 1 Zaterdag 30 september 3558

Dr. Gueverra, Hoshiko, Jeanne en Danny lopen al meer dan vier dagen door de bergen op zoek naar een oude militaire basis aan de bovenrand van het plateau 600 kilometer ten noorden van New Moulinoir. Door al dat lopen met een zwaar bepakte rugzak door ruig terrein begin ze hun voeten wel te voelen. Dan is het nog een geluk dat het mooi weer is gebleven en niet gaan stormen zodat ze doorweekt zouden zijn geraakt.
"Hier kunnen we mooi even rusten en wat eten." zegt mr. Green als de groep bij een doorwaadbare plaats van de rivier komt, "We moeten hier doorheen en dan naar die pas daar aan de overkant. Onze bestemming ligt daar aan de andere kant van de heuvelrug. Nog een paar uur lopen en dan moeten we er zijn."
Mr. Green blijkt een joviale man te zijn die zich goed thuis voelt in deze ongerepte natuur. Waarschijnlijk iets vanuit zijn jeugd, maar over zijn achtergrond houdt Green zijn mond stevig dicht. Als medewerker van de veiligheidsdienst van New Moulinoir is hij verantwoordelijk voor deze missie waar Dr. Gueverra, Hoshiko, Jeanne en Danny aan meedoen en zoals gebruikelijk krijgen zij alleen die informatie die strikt noodzakelijk is. Het was dr. Gueverra die bericht van hem kreeg dat hij hulp nodig had bij een belangrijke expeditie die op korte termijn plaats moest vinden. Pas nadat ze akkoord waren gegaan en een geheimhoudingsverklaring hadden getekend kwam de interessante informatie boven water tijdens een overleg in een vrijstaand huis buiten New Moulinoir.

"We hebben informatie onderschept over een geheime bergplaats waar belangrijke, mogelijk alien, materialen liggen opgeslagen. Het gaat hierbij zeer waarschijnlijk om alien wapens, muziekinstrumenten en geavanceerde anti-grav technologie. Ze komen mogelijk uit een Sianetic Harbinger-basis, die noemen ze soms ook wel Luar, maar ze kunnen ook uit een crash van een alien ruimteschip komen. Gezien de timing is dat de meest voor de hand liggende optie, want het gaat om een basis die sinds de Andrium-oorlog niet meer is betreden. Het kan zeer goed zijn dat bepaalde aliens de gevechten hebben geobserveerd en dat daarbij een van hun ruimteschepen is neergeschoten. Kort nadat de restanten van het ruimteschip naar deze basis zijn gebracht is het biowapen ingezet op het plateau waarna iedereen is omgekomen of gevlucht. En ja, dit betekent dat deze basis op het plateau ligt, maar eigenlijk meer op de rand van het plateau. Even geduld, daar vertel ik straks meer over.

Een niet nader te noemen buitenlandse mogendheid gaat op korte termijn op zoek naar deze basis om de alien-materialen te bergen. Dat brengt een gevaar voor de veiligheid van New Moulinoir met zich mee en kan een bedreiging zijn voor de wapen- en voertuigindustrie. Daarom moeten wij hen voor zijn. Dan vragen jullie je natuurlijk af waarom we jullie hiervoor hebben benaderd, via dr. Gueverra. Dat zit zo. Deze basis bevindt zich niet direct in de buurt van New Moulinoir, maar ongeveer 600 kilometer naar het noorden, ten oosten van Lundbreck. Dat is niet binnen de jurisdictie van New Moulinoir. Als we daar ontdekt en gepakt worden door de lokale autoriteiten, dan hebben we direct een politiek schandaal aan onze broek en dat is niet iets wat de Raad op dit moment kan gebruiken. Daarom ben ik gevraagd om zelf de expeditie te leiden en een kleine groep betrouwbare mensen te zoeken die in staat zijn om deze lastige taak tot een goed einde te brengen. Die waren echter al bezig met een andere opdracht, dus heb ik niet echt een andere keus dan het met jullie te gaan doen, …, geintje!"

"En wat zit er dan voor ons in?" vraagt Danny.
"Voor jullie tijd betalen we 150 monits per dag, met een bonus van 2500 monits per persoon als we de wapens en de anti-grav-technologie vinden. Eventuele andere apparatuur die we vinden is voor jullie."
"Ik maak me meer zorgen over het plateau." zegt Jeanne, "Daar kon je toch niet komen omdat daar één of ander biologisch wapen rondgaat wat alles doodmaakt?"
"Daar heb je een goed punt. Uit onze onderzoeken is gebleken dat in ieder geval voor de eerste dertig kilometer dit wapen niet meer effectief is, maar om alle risico uit te sluiten hebben we een voorraad van een middel op de kop weten te tikken dat het risico op besmetting uitsluit voor een periode van 72 uur. We zullen daarvan voldoende bij ons hebben. Hoe we daar aangekomen zijn kan ik helaas niet met jullie delen."

"Waarom is het al die tijd verborgen gebleven?" vraagt dr. Gueverra.
"De groep die het ruimteschip heeft geborgen en naar een geheime bergplaats heeft gebracht is, naar onlangs is gebleken, kort daarop omgekomen toen ze op weg waren naar een andere militaire basis en werden aangevallen. De computerdata over de gebeurtenis is pas onlangs teruggevonden en het heeft ook nog een tijd geduurd voor die weer leesbaar was."
"Waarom gaan we eigenlijk niet vliegen?" vraagt Hoshiko.
"Boven het plateau is een no-fly zone en die wordt nog steeds gemonitord. Dat hebben we vanuit New Moulinoir niet volledig onder controle, dus de kans dat we daar mee weg komen is niet heel groot. Het is veiliger om te infiltreren te voet."

Na een korte rustpauze gaan ze weer op pad, nog een paar uur lopen en dan komen ze bij de geheime basis waar de materialen opgeslagen moeten liggen. Tot nu toe hebben ze nog geen spoor ontdekt van eventuele vijandelijke agenten. Hopelijk blijft dat zo.

De natuur in dit gebied is prachtig, maar wel woest. Het is duidelijk te merken dat er geen grote grazers of andere zoogdieren zijn die de plantenpopulatie in toom houden. Er vliegen, zeker vergeleken met New Moulinoir, ook heel veel vogels rond en soms schiet er iets wat op een reptiel lijkt weg in het gras.
"Waarom hebben ze eigenlijk dat biowapen ingezet?" vraagt Jeanne.
"Dat had met de oorlog te maken, een paar honderd jaar geleden." zegt Dr. Gueverra.
"Dat is alleen maar een coverstory." zegt Hoshiko, "Dit wapen tast alleen zoogdieren aan. Weet je wie daar achter zit?"
"Nee?" vraagt Dr. Gueverra.
"De lizard-elite die de mensheid bestuurt natuurlijk." zegt Hoshiko.
"Ja, natuurlijk." zegt Danny.
"He, kijk, daar staat iemand!" zegt Dr. Gueverra.
"Is het een lizard?" vraagt Danny, die direct zijn MLA Assault Rifle tegen zijn schouder zet.
"Nee, het lijkt een mens te zijn." zegt Dr. Gueverra, die zijn distance lenses inschakelt, "Ja, er staat een vrouw bij de restanten van een auto."
"Wat doet die daar nou?" vraagt Jeanne, "Zouden het onze tegenstanders zijn?"
"Het zou een ambush kunnen zijn." zegt Danny, "Dit is een uitgelezen plaats, we moeten hier langs en die grote rotsblokken blokkeren de weg. Als we daaroverheen moeten gaat dat veel tijd en moeite kosten."
"Ze heeft alleen maar een pistool bij zich." zegt Dr. Gueverra, "En ik zie verder ook niemand in de omgeving."

"Sturen we iemand naar voren?" vraagt Danny.
"Waarom niet." zegt Dr. Gueverra, "Gaat Jeanne niet? Of met twee?"
"Ik neem met mijn wapen positie in. We zijn nu op ongeveer honderd meter, ergens iets over de helft."
"Ik loop mee." zegt Hoshiko, duidelijk bewapend met een katana aan zijn zijde.
"Ok, dan blijf ik hier." zegt Dr. Gueverra.
"Het begint trouwens wel te betrekken." zegt Danny, die naar de donkere lucht kijkt die op komt zetten.

Jeanne roept al van veraf en de vrouw reageert door naar ze te zwaaien. Hoshiko en Jeanne lopen voorzichtig dichterbij, nog steeds bedacht op mensen, of lizardmen, die zich in de bosjes hebben verscholen.
"Nee, stop, ga niet verder!" zegt de vrouw al vanaf een meter of tien.
"Hoezo?" vraagt Jeanne en zij loopt samen met Hoshiko dichterbij.
"Je gaat dood, ga weg, het is gevaarlijk hier."
"Wij zijn beschermd." zegt Jeanne.
"Iedereen is dood, mijn kinderen zijn dood."
"Jeanne, ik denk dat het een Oni is, een geestverschijning."
Jeanne kijkt nu beter naar de vrouw. Ze heeft functionele kleding aan die inderdaad niet heel modern is en de auto is zeker niet van deze tijd. Als ze goed kijkt ziet ze net als Hoshiko dat haar voeten af en toe door stenen heen gaan.
"Wat vreselijk dat uw kinderen dood zijn. Hoe voelt u zich?" vraagt Hoshiko.
"Eh, ja, dat is inderdaad vreselijk, zoiets moet niet nog een keer gebeuren."

"Maar is dat niet heel lang geleden?" vraagt Hoshiko en kijkt naar de restanten van de auto waar planten in groeien en eigenlijk alleen de kunststofonderdelen nog enigszins herkenbaar zijn.
"O? Het lijkt of het net gebeurd is."
"Mogen we dichterbij komen?" vraagt Jeanne.
"Ja, maar niet verder gaan!"
Jeanne loopt op de vrouw af, op enige afstand gevolgd door Hoshiko.
"Niet verder gaan hoor! Je mag er niet heen."
"Maar wat is er met u gebeurd?" vraagt Hoshiko, "Heeft u het licht niet gezien?"
"Het licht? Ja, maar dit is heel belangrijk, die mag niet meer gebeuren. Dit gruwelijke lot mag niemand meer overkomen."
Er is een lichtflits te zien, redelijk snel gevolgd door gedonder.
"Kom we gaan erheen." zegt Hoshiko.
"Het is echt heel belangrijk dat we daarheen gaan." zegt Jeanne.
"Dat kan ik echt niet toestaan."
Jeanne probeert snel om de verschijning heen te lopen, die geeft een ijzingwekkende gil en probeert haar de pas af te snijden en haar beet te pakken.
De anderen kijken verstijfd van schrik als de verschijning Jeanne beetpakt en vervolgens verdwijnt.

Nadat ze zijn bijgekomen van de gil lopen Dr. Gueverra, Danny en mr. Green naar Hoshiko en Jeanne toe.
"Wat was dat?" vraagt Dr. Gueverra, "Een holo?"
"Nee joh, dat is een geest, dat is daily business." zegt Danny.
Hij voelt een soort statische elektriciteit opbouwen en dan is er een felle lichtflits gevolgd door duisternis.

Dr. Gueverra, Hoshiko, Jeanne en Danny staan in een bos op een rond stenen plateau in een witte cirkel waar zeven zwarte brandende kaarsen op staan. Voor hen staan drie grote stenen stoelen en achter hen nog één.

"H'm, dit is onverwacht, dit gaat een probleem vormen." zegt een iets getinte man met een volle zwarte baard en een rode mantel die even verderop staat "Wel, ik heb geen andere keuze meer. Luister! Ik geef jullie de opdracht om voor twaalf uur vannacht de diadeem van Charita uit de tempel van Charita in de stad Zilverberg te halen en die aan mij te overhandigen in Mooilark, een dorpje in het westelijke rivierdal. Doen jullie dat niet dan loopt het slecht met jullie af. Normaal gesproken is er geen tijdlimiet, maar jullie zijn hier maar twaalf uur en daarna keren jullie weer terug naar waar je vandaan kwam en is de uitvoering van de opdracht onmogelijk."

"Pff, waarom zouden we dat doen?" vraagt Dr. Gueverra, "Waar zijn we eigenlijk? We zijn niet meer in de bergen! Waar is mr. Green?"
"Ja, wat een gedoe." zegt Jeanne.
"Als ik die diadeem niet ophaal, dan voelt het alsof er iets vreselijks gaat gebeuren." zegt Danny.
"Ja, dat denk ik ook." zegt Hoshiko.
"Nonsens" zegt Dr. Gueverra, hij loopt richting de man, maar loopt tegen een onzichtbare muur op de plaats waar de witte cirkel op de grond staat., "Fascinerend, een force field."
Hij pakt zijn repairscanner en gaat op zijn gemak staan scannen.

"We hebben geen tijd voor discussies of ander gedoe. Laat mij alleen zeggen dat ik mijn redenen heb en dat vandaag de enige dag is. Zilverberg is hier uren lopen vandaan en ik had gerekend op vliegende wezens. In heb midden van de cirkel liggen twee perkamentrollen. Een met een kaart van de omgeving en een ander met de plaats van de tempel in Zilverberg."
Hoshiko, Jeanne en Danny kijken nu in het midden van de cirkel en daar liggen inderdaad twee rollen die Danny snel oppakt. Hij wil ze open gaan maken als ze allemaal gekraak en stemmen in de verte horen.

"O, juist ja, er is ook een korte termijn probleempje. Ik heb de heilige cirkel van de trollen gebruikt. Die zijn nu boos en komen eraan. Ik zal zo meteen de cirkel verbreken en dan raad ik jullie aan te maken dat je wegkomt. Die kant op, richting de rivier. Als je het bos uitkomt, dan zullen ze waarschijnlijk niet volgen."
De man verdwijnt.
"Wat?" vraagt Dr. Gueverra, "Waar moeten we heen?"
"Argh", horen ze, "deze kant op, bergaf richting de rivier."
Dan valt er plotseling een zwarte kaars om en rolt van de witte cirkel af.
Dr. Gueverra die het force field nog steeds aan het betasten is voelt dat het weg is.
"We kunnen weg." zegt hij.
"Blijven we staan?" vraagt Danny.
"Kan die kutmagiër er niet gewoon een fireball op gooien." zegt Dr. Gueverra, "Wat een loser!"
"Dat gekraak komt heel snel dichtbij, rennen!" zegt Hoshiko.
Ze zetten het op een lopen door het bos, zoveel mogelijk heuvelaf.

Danny gaat er snel vandoor en pakt onder het sprinten zijn MLA Assault Rifle, Dr. Gueverra en Jeanne volgen op gepaste afstand en Hoshiko sluit de rij. Na ongeveer 150 meter gerend te hebben stopt Danny bij een boom, zoekt daar dekking achter en richt zijn MLA Assault Rifle op de trollen die door het bos zouden rennen. Hij ziet al snel vier meter grote wezens ongeveer honderd meter achter hen aankomen. Dr. Gueverra en Jeanne stoppen naast Danny, maar Hoshiko rent door. Danny mikt op één van de trollen en raakt. Dr. Gueverra schiet met zijn MLA pistol en raakt eveneens, maar de trollen lijken niet heel erg onder de indruk.
"Wegwezen!" roept Danny en Dr. Gueverra, Jeanne en Danny gaan ervandoor, achter Hoshiko aan. Het bos blijkt verraderlijk te zijn, zowel Hoshiko, Danny als Dr. Gueverra struikelen en vallen half over de boomwortels en rotsblokken die toch overal blijken te liggen.
"Ik zie licht!" zegt Danny die weer voorop sprint.
"Hopelijk laten de trollen ons dan met rust." roept Dr. Gueverra die vijftien meter achter hem aankomt.
Het geluid van gekraak is wat minder hard geworden en de trollen hebben de achtervolging opgegeven.

Als ze opkijken staan ze in een rivierdal met aan beide zijden steil wanden. Recht voor hen uit is een veel hogere berg waar sneeuw op ligt.
Danny ontrolt de perkamentrollen, terwijl Dr. Gueverra zijn communicator pakt.
"Zeg kom op, geen bereik. Is dit een grap van Green?" vraagt Dr. Gueverra, "Waar is hij eigenlijk/"
"Misschien waar we net waren?" zegt Hoshiko.
"Ja, waar zijn we eigenlijk?" vraagt Dr. Gueverra.
"Hier." zegt Danny.
"Wat hier?" vraagt Dr. Gueverra.
"Hier bij dat pentagram en die muis die blij is ons te zien." zegt Danny en wijst naar een plek op de kaart.
"Een muis?" vraagt Jeanne.
"Ja, dat moet een trol voorstellen, maar die gast kan echt niet tekenen." zegt Danny, "Kijk wat moet dit nou voor wezen voorstellen? Een mier?"

"Kijk nou." zegt Dr. Gueverra, "Is dat sneeuw?"
"Er ligt wit spul op de bergen." zegt Jeanne.
"Is er sneeuw op Argin?" vraagt Hoshiko.
"Niet dat ik weet." zegt Dr. Gueverra, "Ze hebben het wel op Napoleon, daar kan je skiën."
"Wat is dat?" vraagt Danny.
"Dan ga je op twee smalle kunststof stroken een berghelling af. H'm, misschien wordt het dan toch skiën op Napoleon."
"Laten we wat verzamelen om mee te nemen naar huis." zegt Danny.
"Zijn we dan op Napoleon?" vraagt Dr. Gueverra.
"Hoe komen we daar dan?" vraagt Jeanne.
"Ja, dat weet ik niet, waar zijn we dan nu en hoe zijn we daar gekomen?" vraagt Danny.

"We hebben geen tijd om te dromen over sneeuw." zegt Hoshiko, "Waar moesten we nu heen? Naar de tempel van Chorizo?"
"Nee, de tempel van Charita." zegt Jeanne.
"En waar is dat?" vraagt Dr. Gueverra.
"In Zilverberg." zegt Danny, "Dat is hier. We moeten opschieten, want dit kan best ver weg zijn."
"Verder vond ik dit best wel raar." zegt Dr. Gueverra, "Laten we het water volgen."
"Ik heb weleens zoiets meegemaakt." zegt Jeanne, "Misschien zitten jullie in mijn droom."
"Voor jou is het dus niet de eerste keer?" zegt Dr. Gueverra.
"Heb ik het veroorzaakt?" vraagt Jeanne, "Carlito was er de vorige keer ook bij."
"Wat Carlito ook?" zegt Dr. Gueverra, "Dat heeft hij me nooit verteld. Of we zijn uit onze dimensie gehaald, of we zijn opgesloten in een VR-experience."
"Je wordt vast wakker als ik je in je voet schiet." zegt Hoshiko.
"Het doet vast geen pijn als ik je in je voet schiet." zegt Dr. Gueverra.
"Doe maar niet." zegt Hoshiko.

Ze dalen af naar de bedding van de tien meter brede beek waar een pad naast loopt en volgen die stroomafwaarts.
"Wat was dat voor raar figuur in een jurk?" vraagt Dr. Gueverra, "Het leek wel een fantasy holo character."
"Misschien zit er daar een draak in plaats van een mier." zegt Jeanne.
"Zo'n draak, wat je zag in de virtual reality." zegt Dr. Gueverra.
"Echte draken zien er anders uit." zegt Hoshiko, "Slangvormig."
"We hebben tijd zat." zegt Dr. Gueverra.
"Ik ben benieuwd of ik mijn draak hier terug kan vinden." zegt Jeanne.
"Want die is hier?" vraagt Dr. Gueverra.
"Ja, en hij kwam terug bij Xtreme Adventures." zegt Jeanne.

"We hebben wel geen verbinding, maar we kunnen wel de communicators verbinden, dan kunnen we zaken naar elkaar doorsturen, zoals de holo's die ik van de kaarten heb gemaakt." zegt Dr. Gueverra.
"H'm?" zegt Jeanne, die druk bezig is om holo's van de omgeving te maken.
"Sst." zegt Dr. Gueverra en steekt zijn hand op, "Ik hoor voetstappen. Marcheren?"
"Ja, er komt iets aan langs de rivier, snel de bosjes in." zegt Danny.
Ze duiken alle vier snel achter rotsen en in een greppel.

Over het pad langs de rivier komt een groep van 15 soldaten aan marcheren. Ze zijn gekleed in zwart-rode kledij en dragen donkerblauwe schilden met een maansikkel met daaromheen vijf gouden sterren. Ze lopen met een andere tred dan mensen en als ze iets dichterbij zijn is duidelijk te zien dat ze een zwart-grijze huid hebben en een niet-menselijke kaaklijn.
"Het zijn orks." fluistert Jeanne tegen de anderen.
"Zijn die goed of slecht?" vraagt Danny, "Laten we ze langs lopen?"
"Wat hebben we eraan als we ze overhoop schieten?" vraagt Jeanne.
"Zou dit hier de inheemse bevolking zijn?" vraagt Dr. Gueverra.
"Of is dit het bezettingsleger?" vraagt Hoshiko.
"Ik zou je kogels sparen, Danny," zegt Dr. Gueverra, "Die gaan we nog hard nodig hebben."
"Het is inderdaad geen tijd voor frivoliteiten." zegt Hoshiko.
De leider van de orks zegt iets en gebaart naar de bocht in de vallei waar het trollenheiligdom is. Met een paar minuten zijn de orks achter het hoge struikgewas verdwenen.

"Hoe ver is het nog naar dat zijpad?" vraagt Danny.
"O, dat is een paar kilometer." zegt Dr. Gueverra.
"Maar het is zo'n vakje." zegt Danny.
"Welk vakje?" vraagt Dr. Gueverra, "Ik zie geen vakjes op de kaart."
"Gaan we omlopen, dat is verder, of gaan we via de short cut?" vraagt Jeanne.
"Afsnijden maakt de weg vaak langer." zegt Hoshiko.
"Ja, maar we hebben nu tijdgebrek, dus laten we die maar nemen." zegt Danny.
"En dat beest?" vraagt Dr. Gueverra.
"Daar ben ik niet bang voor." zegt Danny.

De zijweg loopt over een uitloper van de heuvelrug heen en het pad loopt een beetje slingerend omhoog. Aan de begroeiing is te zien dat deze weg minder vaak wordt gebruikt dan de hoofdweg. Dr. Gueverra, Hoshiko, Jeanne en Danny slaan de zijweg in en volgen het pad tot ze naar het lijkt op het hoogste punt van het pad komen. Daar staat een kar met een kapot wiel langs de kant van de weg.
"Dit is wel de perfecte plaats voor een ambush." zegt Danny, "Ik ga de omgeving in de gaten houden."
"O, wat grappig." zegt Dr. Gueverra, "Houten wielen."
"De kar is niet overwoekerd." zegt Danny, "Die staat er dus nog niet heel lang."
"Hoe zouden ze dit voortrekken?" vraagt Dr. Gueverra.
"Met een paard?" vraagt Jeanne.
"Ja, die past wel tussen die twee uiteinden." zegt Dr. Gueverra.
"We hebben wel wat haast." zegt Hoshiko, "Zullen we verder lopen?"
"Ok, we hebben nog elf uur, dus." zegt Jeanne.

"Stop" klinkt een stem uit de bosjes, vlak in de buurt waar Dr. Gueverra eerst goed heeft gekeken, "Wie zijn jullie?"
"Wie zijn jullie?" vraagt Dr. Gueverra.
"Wie wij zijn, wat gaat jou dat aan?" vraagt Danny.
"Ik ben benieuwd wie jullie zijn en waar jullie heen gaan."
"Mijn naam is Gueverra." zegt Dr. Gueverra, en reikt een kaartje aan richting de bosjes.
"Wij komen uit New Moulinoir." zegt Danny.
"Waar ligt dat?"
"Op Argin."
"Wat is Argin?"
"Dat is een planeet."
"Wat is een planeet?"
"Eh, ja, eh, waar zijn we hier eigenlijk? Hoe heet dit land?" vraagt Danny.
"Baronie Zilverland."
"Baronie?" vraagt Dr. Gueverra.
"Dat is een soort streek waar een Baron het hoofd van is. Waar komen jullie dan nu vandaan?"

"In de bergen verderop, waar die grote mensen zijn." zegt Dr. Gueverra.
"De trollen, toen zijn we hard weggerend." zegt Danny.
"Hoe kwamen jullie daar dan?"
"Via een magische cirkel." zegt Danny.
"Een cirkel met een krachtveld." zegt Dr. Gueverra.
"Zeg in Baronie Zilverland is het daar normaal dat er één in de bosjes zit en de ander erbuiten?" vraagt Jeanne."
"Hier even wel."
"Ach, wat zou het ook. Mijn naam is Danny Lethal."
"Jeanne le Calvenoir."
"Hirohito."

"Dank jullie wel. Waar zijn jullie nu naar op weg?"
"Naar Zilverberg, dat is een grote stad hier." zegt Danny.
"Hebben we wel bereik in de stad?" vraagt Jeanne.
"Wat? Bereik? Wat bedoel je daarmee?"
"Als ik iemand een bericht wil sturen, hoe gaat dat dan?"
"Je kan iemand een brief sturen. Als die persoon kan lezen."
"Een brief? Kan het niet met een communicator?"
"Een wat? Ach, maar wat gaan jullie in Zilverberg doen?"

"Uitzoeken hoe we terugkomen." zegt Jeanne.
"Maakt dat wat uit?" vraagt Dr. Gueverra.
"Ja, dat maakt wel wat uit."
"Zitten er orks in de stad?" vraagt Danny.
"Ja, die zijn er ook."
"Kan je daar trouwens mee praten?" vraagt Dr. Gueverra.
"Ja, dat kan wel, maar ze hebben een vreselijk accent."
"Leven ze vreedzaam samen met de orks?" vraagt Danny.
"Vreedzaam, onderdrukt is ook vreedzaam, maar er broeit iets, want er komt vannacht waarschijnlijk een orkenleger aan."

"Waarom wil je niet uit de bosjes komen?" vraagt Dr. Gueverra, "Waarom zit je in de bosjes?"
"Omdat jullie misschien voorbij zouden komen."
"Hoe wist je dat dan?"
"Ik zag jullie toen ik de orks aan het volgen was."
"Ik heb een hekel aan orks." zegt Danny.
"Waarom heb je een hekel aan orks?" vraagt Dr. Gueverra.
"Waarom niet?" zegt Danny, "Ik heb aan iedereen een hekel."
"Dat is niet discriminatoir." zegt Dr. Gueverra.
"Orks hebben mij niets gedaan." zegt Danny, "Maar de meeste mensen niet."

"Wat gaan jullie doen in Zilverberg? Zijn jullie handelaren?"
"Ja, zoiets."
"Waarom hebben jullie haast om in Zilverberg te komen?"
"We moeten iets ophalen."
"Jullie zijn dus gekomen om iets op te halen. Ik denk dat jullie zo wel enorm op zullen vallen. Als jullie zo de stad ingaan zit je zo gevangen op het kasteel van Jerome."

"Wie?" vraagt Danny.
"Baron Jerome III van Zilverberg."
"Jerome, dat is een goede naam voor een landverrader." zegt Danny.
"Waarom heet de stad eigenlijk Zilverberg? En waarom ligt er zo'n grote stad in de bergen?" vraagt Jeanne.
"Er is nu een belangrijke tunnel naar een ander gebied en vroeger werd er veel zilver gewonnen."
"Als we ons vermommen zullen we niet opvallen." zegt Dr. Gueverra.
"Ja, en onze spullen niet meenemen." zegt Danny.

"We zagen ook nog een rare figuur bij de trollencirkel." zegt Dr. Gueverra, "Voor wie werk jij eigenlijk?"
"Waarom zou ik voor iemand werken?"
"Nou om informatie te verzamelen, die je dan aan iemand door kan geven." zegt Danny, "Wij zijn huurlingen en in te huren voor een klusje, maar we moeten nu eerst iets ophalen."
"Ach, over tien uur zijn we toch weer terug." zegt Dr. Gueverra.
"Dus jullie zijn speciaal gekomen om iets op te halen."
"Ja," zegt Danny, "Er schijnt een diadeem te zijn."
"Er zijn veel diademen in Zilverberg, in het goud- en zilversmedenkwartier, in het kasteel, in de huizen van de rijke bewoners."
"Wij zoeken een specifieke diadeem die in een tempel ligt."

"Waarom?"
"Iemand heeft het aan ons gevraagd."
"Wie?"
"Die gast die ons hiernaartoe geabracadabraad heeft." zegt Danny.
"Een van de belangrijke tovenaars."
"Hij is mediamiek." zegt Dr. Gueverra.
"Wat?"
"Mediamiek. Als hij maar niet voor de Snee werkt."
"Voor wie?"
"Het is een gevaarlijke ontwikkeling als ze wezens naar een andere dimensie kunnen brengen. Ze roepen wezens op."
"Entiteiten. Zie je wel!" zegt Jeanne, "Ervaring mee?"
"Nee, helemaal niet." zegt Dr. Gueverra, "Energy bar?" vraagt hij aan de man in de bosjes, maar die wijst hem beleefd af.

"Wel bijzonder dat ze ons hier verstaan." zegt Danny, hij gaat verder in het Frans tegen de man, maar dat verstaat hij niet.
"Aha, Frans praten als we niet willen dat ze ons verstaan." gaat hij verder in het Frans.
"Goed, ik denk dat het verstandig is als ik jullie meeneem naar een plaats waar iemand jullie meer kan vertellen over de diadeem. Mijn naam is Petros, het is hier niet al te ver vandaan. Als jullie doorlopen kom ik zo achter jullie aan."
"Eh, ok." zegt Dr. Gueverra.

Als Dr. Gueverra omkijkt ziet hij Petros uit de bosjes komen en achter hen aanlopen. Hij is gekleed in groene kleding waar op veel plekken takjes en bladeren op zitten. Hij heeft naast een zwaard ook een boog bij zich. Ze lopen naar het einde van het pad dat ze terugbrengt naar het rivierdal. In plaats van naar links, richting Groot Zinderen stuurt Petros ze naar rechts. Hoshiko en Danny protesteren even dat de reis naar Zilverberg zo langer gaat duren, maar Petros verzekert hen dat dat niet het geval is. Na een paar honderd meter wijst Petros naar een plaats in de rivier, waar nauwelijks zichtbaar stenen vlak onder het wateroppervlak een pad naar de overkant bieden.

Hoshiko loopt als eerste zonder al te veel problemen naar de overkant. Danny volgt hem en lijkt het net te gaan halen, maar helaas. Dr. Gueverra, die vlak achter hem aanloopt verliest zijn grip op één van de gladde stenen, glijdt uit en pakt zich vast aan Danny waardoor ze beide in het water vallen. Danny zwemt snel naar de kant, maar Dr. Gueverra is even kopje ondergegaan en laat zich even met het water meedrijven dat hem gelukkig naar de goede kant van de over brengt. Jeanne en Petros lopen met groot gemak over de stenen naar de overkant.

Het is hier gelukkig niet koud waardoor Dr. Gueverra en Danny niet al te veel last van hun natte pak hebben. Petros gaat nu voorop en voert hen al snel de beboste bergwand op. Na een paar honderd meter houdt hij halt en kijkt en luistert even. Dan bukt hij zich en trekt een luik omhoog dat volledig verborgen was in het gras. Ze kijken in een donker gat waar een ladder naar beneden leidt.
"Hier gaan we naar beneden. Als jullie eerst gaan zal ik het luik weer op de goede manier dicht maken. Het is niet al te breed, gewoon de gang volgen."
Danny gaat als eerste en merkt dat het beneden echt donker is. Zowel zijn infravision als zijn nightvision gaan hier niet echt uitkomst bieden. Hij pakt zijn zaklantaarn en schijnt de gang in. De anderen volgen zijn voorbeeld en de gang is bijna fel verlicht als Petros onder aan de ladder verschijnt.

Na een paar honderd meter lopen door verschillende gangen komen ze in een grote grot waar zeker 50 mensen verblijven. Er hangen een aantal toortsen en een deel van het kamp is verlicht met olielampen. Er is ook een kookplaats, maar die is op dit moment niet aangestoken. Het lijken vooral mannen te zijn, maar er zijn ook een aantal vrouwen. Bijna allemaal zijn ze bewapend met speren of zwaarden.
"Wacht even hier, dan ga ik iemand halen." zegt Petros.
"Dit zijn dus de rebellen." zegt Danny.
"Ja, daar lijkt het wel op." zegt Dr. Gueverra, "Ze koken nu niet, waarschijnlijk alleen als het nacht is."
"Dat is slim." zegt Hoshiko, "Anders zie je natuurlijk de rook boven de berg opstijgen."
Ze wachten een paar minuten en dan komt Petros met een andere man aanlopen.

"Goedemiddag, mijn naam is Andreas. Ik begrijp dat jullie op een bijzondere manier hier naar toe gekomen zijn en dat jullie naar iets op zoek zijn en dat jullie de orks hebben gezien. De situatie hier is als volgt. De orks hebben het land ingenomen en Kragkor Geeltand aangesteld als gouverneur. Hij werkt samen met Baron Jerome III van Zilverberg. Hij is nog vrij jong. Zijn vader is enige tijd geleden uit een raam in zijn kasteel gevallen en omgekomen. Jerome is makkelijk beïnvloedbaar en niet meer dan een suckpoppet, eh sockpuppet, van Kragkor."
"Een suckpuppet?" vraagt Danny.
"Ja, ha ha, een suckpuppet." zegt Hoshiko, die plastisch met zijn hand uitbeeldt hoe dat eruit ziet.
"In ieder geval" gaat Andreas verder, "begint de onderdrukking nu ernstiger vormen aan te nemen. De meeste tovenaars zijn opgepakt en vermoord. Ook van de priesters van de goden hebben we niet veel steun meer. De meeste priesters ontvangen geen goddelijke gaven meer. Alleen de priesteressen van de godin Charita kunnen soms nog wat wonderen doen.
"Sinds wanneer hebben de goden geen gaven meer gegeven?" vraagt Dr. Gueverra.
"Al generaties lang, klopt het trouwens dat jullie op zoek zijn naar de diadeem van Charita?"
"Ja, dat klopt wel." zegt Danny.
"Het is een opdracht die we niet echt konden weigeren." zegt Hoshiko.
"Goed, dan haal ik Cheloxia erbij. Zij is een priesteres van Charita."
Andreas kijkt even opzij en wenkt een vrouw die even verderop staat. Zij knikt en komt erbij staan.

"Ik ben Cheloxia. Het klopt dus dat jullie de diadeem van Charita willen hebben?"
"Ja, het was een opdracht." zegt Danny, "We moeten dat doen omdat het anders fout gaat aflopen."
"Wie heeft die opdracht gegeven?"
"De man die ons hierheen heeft gehaald." zegt Dr. Gueverra en beschrijft de tovenaar.
"Dat kan alleen maar Robert de Verhevene zijn." zegt Cheloxia, "Hij is één van de weinige die machtig genoeg is om dit te kunnen doen."'
"De Verhevene?" vraagt Danny.
"Dat is zijn eigen bijnaam."
"Wat moet hij trouwens met de diadeem?" vraagt Jeanne, "Is hij te vertrouwen?"
"Hij is vervloekt door de godin en wil nu jullie iets laten doen wat hij zelf niet kan."
"Waarom wij?" vraagt Jeanne.
"Een ongelukje?"
"Hij had het over vliegende monsters en dat wij dat niet waren." zegt Dr. Gueverra.
"Er zijn wat verhalen over de diadeem. Zijzelf of een held komt de diadeem halen."
"Dat klinkt als een profetie." zegt Dr. Gueverra.
"Ik zal tot Charita bidden en om inzicht vragen."

Terwijl Cheloxia bezig is bespreken Dr. Gueverra, Hoshiko, Jeanne en Danny de situatie.
"Het is al een aantal generaties, dat komt overeen met onze tijdlijn." zegt Dr. Gueverra, "Is deze plaats hetzelfde als je de vorige keer was?"
"Het kan dezelfde wereld zijn." zegt Jeanne, "Die naam Charita komt me wel bekend voor. Ik denk niet dat we de diadeem aan de tovenaar moeten geven."
"Wat vind jij ervan?" vraagt Danny aan Dr. Gueverra, "We hebben wel de drang om hem die diadeem te geven."
"Is samenwerken met het Genootschap van het Einde der Tijden ook drang?"
"Dat is gewoon een common goal." zegt Danny, "Je bereidt je voor op de aliens."
"Ach, die Robert is gewoon een psychic, net als Sergei. Ik heb een hekel aan die tovenaar."
Terwijl ze nog wachten op Cheloxia adviseert Andreas Dr. Gueverra, Hoshiko, Jeanne en Danny om zich te vermommen, want met de kleding die ze nu dragen en de spullen die ze bij zich hebben zullen ze de aandacht in de drukke stad trekken.

Cheloxia komt terug en zegt dat zij een goed gevoel had bij het helpen van Dr. Gueverra, Hoshiko, Jeanne en Danny om de diadeem te vinden. Er is wel wat bijzonders met de tempel van Charita in Zilverberg.
"Weet je waar de diadeem is in de tempel?" vraagt Dr. Gueverra.
"Nee, ik ben daar nooit geweest. Meestal is er een afgesloten deel voor de priesters, daar zal het wel zijn. Maar ik weet dat een dochter van een boerenechtpaar in Lichtvoorde onlangs naar de tempel is gegaan om adept te worden. Misschien dat zij meer weet. Haar naam is Maltene."
"Ok, is dat in de buurt? Lichtvoorde?"
"Ja, daar komen jullie langs op weg naar Zilverberg."
"Ok, dan moeten we op weg gaan." zegt Hoshiko, "Het wordt later en later."

Andreas wil ze daarop voorzien van kleding en wat geld, maar dan moeten ze eerst een goed verhaal hebben. Er gaat enige tijd overheen voor ze een goed verhaal hebben dat ze pelgrims zijn. Dr. Gueverra, Jeanne en Danny komen uit een dorp op een paar dagreizen afstand en Hoshiko uit een ver land. Hij is hier gekomen om zijn wapens te laten zegenen door Charita. Hun spullen kunnen ze niet meenemen. Na enige discussie spreken ze af om die bij de uitgang van het grottencomplex, aan de andere kant van waar ze binnengekomen zijn, achter te laten. Andreas zal twee man wacht laten houden zodat zij de ingang terug kunnen vinden. Ze zoeken de paar spullen uit die ze mee gaan nemen. Dr. Gueverra neemt een force knife en een tas met gereedschap mee, Danny zijn force knives en zijn Desert Eagle, Jeanne neemt ook haar force knives mee, haar Glock en haar jongleerballetjes, Hoshiko houdt zijn zwarte pak aan en neemt zijn wapens mee, De rest leggen ze in een doodlopende gang bij de uitgang.
Andreas en Cheloxia wensen ze succes en Dr. Gueverra, Hoshiko, Jeanne en Danny lopen achter twee van de rebellen aan die de uitgang gaan wijzen.

Drie uur nadat ze in de wereld zijn aangekomen komt Lichtvoorde in zicht. Het is een klein dorpje aan de weg van Zilverberg naar Groot Zinderen waar een voorde is over een kleine beek die het dal doorsnijdt.
"Gaan we nu via de poort of door het hek waar de beek door de stadsmuur heen gaat?" vraagt Danny.
"We hebben nu de vermomming, dus de poort is een betere optie." zegt Hoshiko
"De beek houden we als back-up." zegt Dr. Gueverra.
"Wat is dit voor een klein gehucht." zegt Danny, "Is hier wel een herberg?"
Als ze vanaf de kant van Groot Zinderen het dorp binnenlopen zien ze dat er alleen een taveerne is, de Gouden Gans.
"Ik heb eigenlijk wel trek." zegt Hoshiko, "Dan kunnen we gelijk wat eten."

De Gouden Gans is een eenvoudige taveerne waar reizigers tussen Zilverberg en Groot Zinderen soms even stoppen om wat te eten of te drinken. Er staan maar een paar tafels.
"Goedemiddag, willen jullie iets drinken?" vraagt de vrouw die aan de zijkant bij een tafel staat waar wat kannen en vaten op staan.
"Ja, graag." zegt Hoshiko, "En heb je ook nog iets te eten?"
"Ja, lekker." zegt Danny, "Hebben jullie een boterham?"
"Een boterham? Die hebben we niet. Wel brood met ei en worst. Bier erbij?"
"Klink goed." zegt Danny, "Betaal jij Hirohito?"
"Eh." zegt Hoshiko en kijk naar de verschillende metalen muntstukjes die Andreas aan ze heeft gegeven.
"Jullie moeten zeker wennen aan het geld hier." zegt de vrouw, "Het is 12 stuivers."
Hoshiko zoekt even in het zakje met munten en geeft de vrouw twee stuivers meer.
"Nou, dank u wel, het bier komt er zo aan."

"Ik ben benieuwd hoe het bier smaakt." zegt Danny.
"Verwacht er niet te veel van." zegt Dr. Gueverra die kijkt hoe de vrouw terugkomt van achter en vier pullen met bier vult uit één van de vaten.
"Zo, hier is alvast uw bier, het brood komt er zo aan."
"Dank je wel."
Het bier is inderdaad van matige kwaliteit en heeft een bijzondere bijsmaak. Na een minuut of vijf loopt de vrouw een deur door naar een andere kamer en komt terug met vijf houten borden met daarop brood, ei en worst.
"Alsjeblieft, eet smakelijk!"

"Hoe gaan we dit nu eten?" vraagt Hoshiko, "Chopsticks?"
"Ik denk niet dat het handig is als we om bestek vragen." zegt Dr. Gueverra.
Danny zegt niets, maar breekt een stuk van het brood af met zijn handen en begint te eten.
"Jeanne, kan jij zo vragen waar die boer woont?" vraagt Hoshiko.
"Ik weer?"
"Ja, als jij er niet bent, eindigt het er meestal mee dat er iemand beledigt wordt."
"Ok."
Jeanne staat op en maakt een praatje met de vrouw. Na een minuut of vijf komt ze terug.
"Die boerenfamilie woont hier rechts en dan doorlopen tot het einde van het dorp, het is niet ver. Haar ouders heten Norekles en Phidalia."
"Ok, zullen we weer gaan?" vraagt Hoshiko.
Danny staat direct op en zegt "Dat is een goed idee."
"Zijn jullie al klaar dan?" vraagt Dr. Gueverra.
"Ja, we hebben haast." zegt Danny.
"Wel goed kauwen." zegt Dr. Gueverra, "Gaan jullie maar alvast, wij komen er zo aan."

Hoshiko en Danny wandelen naar het einde van het dorpje en zien daar een kleine boerderij waar een boer voor zijn huis op een kruk zit een mand te vlechten.
"Goedemiddag." zegt Hoshiko.
"Goedendag heren." zegt de boer.
"Bent u toevallig Norekles?"
"Ja, zeker ben ik dat." zegt de boer en staat op, "Welkom wat kan ik voor u heren doen?"
"Wij zijn op weg naar de tempel van Charita in de stad en wij hoorden dat uw dochter daar een betrekking heeft. Misschien dat zij ons kan introduceren."
"Ja, misschien wel, waar komt u vandaan?"
"Ik kom zelf uit Shiranië, ver van hier, hij komt uit een dorp hier verderop, samen met twee vrienden. We zijn allemaal op weg naar Zilverberg. Zij kwamen vast te zitten met een kapotte kar en toen hebben we besloten gezamenlijk verder te reizen."
"Je moet wel een goede reden hebben om de stad in te komen, of geld. Hebben jullie al geld van de Baronie?"
"Ja, we hebben geld gewisseld in Groot Zinderen."
"Dat is maar beter ook, als je bij de poort wil wisselen ben je altijd duurder uit. Bij de poort kunnen ze moeilijk doen, het hangt er een beetje vanaf welk stadswacht er staat."
"Komt u zelf nog wel eens in de stad?" vraagt Danny.
"De laatste tijd eigenlijk niet meer. Met al die extra belastingen probeer ik dat te voorkomen."

Dr. Gueverra en Jeanne komen ook aanlopen en maken kennis met de boer.
"Denkt u dat Maltene, uw dochter, ons zou willen helpen?"
"Ja, dat denk ik wel."
"Wij kennen haar alleen van naam. Kunt u beschrijven hoe ze eruit ziet? Woont ze in de tempel?"
"Maltene is niet al te lang, ongeveer zo groot als zij is, met lang bruin haar en bruine ogen. Ze woont niet in de tempel, dat is alleen voor de priesters. Zij is nog maar een adept, ze is een paar maanden geleden pas uitverkoren en meegegaan. Ze huurt een kamer bij Hendrick, daar in de buurt. Als jullie in de tempel vragen, dan zullen ze wel uit kunnen leggen waar dat is. Jullie hebben nog wel even de tijd, de poort is tot zonsondergang open."
"Wanneer is dat?"
"Over een paar uur, dus jullie moeten dat makkelijk kunnen halen."
"Dank u wel, dan gaan we snel op weg." zegt Hoshiko en gebaart de anderen te gaan lopen.

Als het dorp uitkomen zien ze verderop in de vallei Zilverberg al liggen. De stad ligt ingeklemd tussen twee bergruggen en het kasteel van Jerome ligt iets hoger dan de stad tegen de rechter bergrug aan. Na een kwartier lopen zien ze dat de stadsmuur van Zilverberg van de ene naar de andere bergrug loopt. Er is één grote poort en op regelmatige afstand zijn er torens. Voor de poort staat een lange rij mensen te wachten.
"Ik hoop dat ze een beetje opschieten." zegt Danny.

Maar dat doen ze helaas niet. Het duurt een behoorlijke tijd voor ze aan de beurt zijn. De manier waarop hun voorgangers werden behandeld stemt ze niet echt hoopvol. De twee man die iedereen bevragen hebben lopen vooral lastig te doen om het lastig doen. Er naast staat een vrouwelijke sergeant die het met veel plezier aankijkt. Af en toe komt er een luitenant poolshoogte nemen, maar zijn loopje lijkt niet helemaal vast te zijn.
"Zo, en wat hebben we hier." vraagt één van de poortwachters.
"Ik ben Hirohito."
"En wat kom je hier doen?" vraagt de ander.
"Ik kom hier naar de tempel van Charita om mijn wapens te laten zegenen."
"Je bent niet van hier hè?"
"Nee, ik kom uit een lang ver in het oosten."
"Hebben ze daar dan geen tempels van Charita?" vraagt de ander.
"Niet waar ik mijn wapens kan laten zegenen."
"Het is iets waar ik nog nooit van heb gehoord? Jij wel?"
De ander schudt nee.
"Waarom is dat nodig?"
"Als ik mijn wapen heb getrokken, dan moet het bloed proeven, anders moet ik ze laten zegenen."
"En heb je er nooit aan gedacht om in je vinger te snijden."
"Eh, dat is misschien een idee, maar het zegenen is wel echt belangrijk."
"En zij?"
"Zij zijn ook op weg naar de tempel."
"We willen graag de belangrijke tempel van Charita bezoeken." zegt Dr. Gueverra.
De twee wachters kijken even naar de sergeant die minzaam knikt.
"Nou, vooruit. Hier is voor ieder een munt, daarmee mogen jullie drie dagen in de stad blijven."
"Dank u wel." zegt Hoshiko en ze lopen snel de stad in.

"Ik ga die munt gewoon verhandelen met iemand." zegt Dr. Gueverra, "Ze zijn ook zo na te maken lijkt het."
"Daar gaat het nu even niet om." zegt Danny, "We moeten naar de, oooh, wat stink het hier."
"Welkom in een middeleeuwse stad." zegt Dr. Gueverra, "Wen er maar aan."
"Het is ook veel drukker dan ik had gedacht." zegt Hoshiko, "Dat is goed, dan vallen we minder op. Weet je nog hoe we moeten lopen?"
"Ja, deze grote weg volgen die door de stad slingert en dan na een paar bochten afslaan."
Ze verbazen zich over de drukte op straat en de vrolijke mensen. Ook al worden ze onderdrukt door de orks, ze proberen er in het dagelijks leven wel iets van te maken. Ze lopen langs verschillende soort huizen, grote mooie herenhuizen voor een groot deel van steen gemaakt en wat meer middenklasse huizen met een stenen begane grond en een vakwerk eerste verdieping. Af en toe is tussen wat gebouwen door een glimp op te vangen van buurten die verder van de hoofdweg afliggen. Daar zien de huizen er niet zo mooi en goed onderhouden uit.

"Wat is dat voor grote koepel achter die huizen?" vraagt Danny na een tijd lopen.
"Geen idee, ik zal het aan iemand vragen." zegt Dr. Gueverra en spreekt iemand aan die net voorbij loopt.
"Die koepel?" zegt de als een handelaar geklede man, "Dat is de tempel van Daetrion. Kent u de tempel niet? Kent u Daetrion niet? Zal ik u er iets over vertellen?"
"Eh, nee, eh, ja, eh."
"Laat mij u en uw metgezellen de tempel van Daetrion laten zien, het is niet ver hier vandaan."
"Nee, sorry, dank u wel, maar we hebben een afspraak. Misschien een andere keer."
Dr. Gueverra, Hoshiko, Jeanne en Danny lopen snel weg bij de man, de straat in die naar de tempel van Charita voert.

De sfeer op straat verandert naar mate ze in de buurt van de tempel komen. Er begint meer muziek te klinken en hier en daar dansen mensen op straat. De straat komt uit op een plein voor de tempel van Charita. De tempel is een tien meter breed en zes meter hoog gebouw. Mooie marmeren treden, opgeluisterd met twee grote standbeelden links en rechts voeren omhoog naar een plateau waar zuilen de timpaan ondersteunen die de voorkant van het dak vormt. Naast de sokkel van het rechter standbeeld zitten wat bedelaars op de grond. Langs het plein zijn veel verschillende taveernes waar gegeten, gedronken gedanst en gezongen wordt.

"Geen tijd te verliezen." zegt Dr. Gueverra, "De tempel gaat bij zonsondergang dicht, dan hebben we minder dan een uur."
"Gaan we gewoon naar binnen?" vraagt Danny.
"Ja, en op zoek naar Maltene en de diadeem." zegt Dr. Gueverra.
Dr. Gueverra, Hoshiko, Jeanne en Danny lopen afzonderlijk van elkaar de tempel binnen. Het gebouw is bijna twintig meter lang en twee rijen pilaren links en rechts van een brede middengang ondersteunen het dak. Aan weerszijden zitten hoog in de muur prachtige gebrandschilderde ramen. Het achterste deel van de tempel is afgescheiden van de rest door middel van twee muren met daartussen een metalen hekwerk. Het eerst dat direct opvalt is het standbeeld van een vrouw met donker haar en groene ogen dat achter het hek staat met op haar hoofd een diadeem. Aan haar voeten zit een beeld van een zwaan in de fontein waar het standbeeld in staat. Achter het standbeeld hangt een gordijn dat nog een gedeelte van de tempel afschermt. Links en rechts naast het gordijn staan prachtig versierde houten kasten. Aan weerszijde van het voorste deel van de tempel staan comfortabele banken waar mensen met elkaar aan het praten zijn. Hier en daar heeft iemand een fluit of een harp waarop gespeeld wordt. Direct naast de ingang is een bureau waar een priesteres van Charita achter zit.

Nadat ze even hebben rondgekeken en de ruimte achter het hek hebben bekeken lopen Dr. Gueverra, Jeanne en Danny naar de priesteres.
"Wij zijn van ver gekomen om Charita te aanbidden." vraagt Jeanne, "Is het ook mogelijk om het standbeeld aan te raken?"
"Welkom in onze tempel." zegt de priesteres, "Ik moet je helaas teleurstellen, dat is eigenlijk alleen mogelijk op de heilige dag van Charita."
"Wanneer is die dag?" vraagt Danny.
"Dat was verleden week, dus jullie moeten normaal gesproken dan een jaar wachten."
"Jammer dat we te laat zijn." zegt Dr. Gueverra, "De tocht duurde ook langer dan we gedacht hadden. We hadden last van orks."
"Dat waren trollen." zegt Danny, "Mag ik wat vragen? Wat is er achter het gordijn?"
"Dat is het heilige der heilige. Daar mogen alleen priesters en priesteressen van Charita komen."
"Is Maltene ook aanwezig?" vraagt Jeanne, "We kwamen buiten de stad haar ouders tegen en we hebben een boodschap voor haar."
"Die heb ik vandaag niet gezien."
"Weet u misschien waar ze is?"
"Ze heeft een kamer bij Hendrick, maar dat is wel een shady type."
Dr. Gueverra, Jeanne en Danny bedanken de priesteres en lopen weer naar het hek.

Even later benadert Hoshiko de priesteres.
"Pardon, is het ook mogelijk dat de godin mijn wapens zegent?"
"Eh, Charita is niet echt de godin van de krijgskunst, daarvoor moet u bij de tempel van Vensin zijn."
"O, maar het is niet voor de strijd, ik beoefen de Latsu-sneltrek-kunst."
Hoshiko laat zien hoe hij mooi en snel zijn wapen kan trekken.
"Ik wil graag de zegen van Charita voor een belangrijk evenement."
"Waarom bent u dan helemaal hierheen gekomen? Zijn de tempels van Charita niet overal?"
"Dat heeft te maken met de bijzondere naam die de tempel heeft. Maar is het soms mogelijk? Ik wil er best iets voor geven, twee koperstukken of zo."
"Ik denk het wel, maar ik moet dat met de hogepriesters overleggen. Kunt u morgen bij de derde bel terugkomen? Dan kan ik u meer vertellen."
"Zeker, dank u wel voor de moeite."

Jeanne is intussen naar een groepje mannen en vrouwen gelopen waarvan ze hoorde dat die verhalen aan elkaar aan het vertellen waren en discussieerden over hoe goed of slecht die verhalen zijn.
"Goedemiddag, kennen jullie veel verhalen?"
"Jazeker." zegt één van hen, "Je bent aan het juiste adres. Wat voor verhaal wil je horen?"
"Ik ben wel geïnteresseerd in verhalen over de diadeem van Charita. Zijn daar nog legendes over?"
"Die van de kampioen die de diadeem komt ophalen." interrumpeert een andere verhalenverteller, "Dat is de belangrijkste. Die brengt hem naar de berg waar de goden wonen."
"Ik vind die over de vrouw die de diadeem meeneemt naar een ver land betrouwbaarder." zegt de eerste verhalenverteller.
"Maar die kampioen heeft orks verslagen, dat is echt een stoer verhaal."
"Hoe lang zijn die verhalen er al?" vraagt Jeanne.
"Die doen al de ronde sinds de diadeem hier is gekomen, al generaties lang."
"Ok, dank je wel, succes met jullie verhalen!"

"Het hek zit op slot." zegt Dr. Gueverra, "Ik zou het wel open kunnen maken met mijn spullen, maar niet als iedereen kijkt. Ik denk dat die priesters wel een sleutel hebben."
"Dan moeten we 's nachts terugkomen." zegt Danny.
"Heb je trouwens die kunstige Fresnellens gezien die het beeld verlicht?"
"Fresnellens?" vraagt Hoshiko.
"Ja, al het licht dat van buiten komt valt altijd van bovenaf op het standbeeld zodat het prachtig wordt verlicht. Erg mooi gedaan! Misschien kan je het openmaken van boven?"
"Misschien, dan moet ik eerst op het dak komen."
"Beste aanwezigen, over tien minuten gaat de tempel sluiten. Graag verzoeken wij iedereen om zijn bezigheden af te ronden en de tempel te verlaten." zegt de priesteres.
"Ok, laten we gaan." zegt Danny.
Als ze buiten staan zien ze dat de priesteres de deur van binnen sluit als alle aanbidders zijn vertrokken.
"Laten we een rondje rondom de tempel lopen." zegt Hoshiko.

Links en rechts naast de tempel loopt een vier meter hoge muur die aan de bovenkant is voorzien van potscherven om het dieven moeilijk te maken over de muur te klimmen. Links naast de tempel is een grote poortdeur en boven de muur uit is links daarvan een dak van een gebouw te zien voor dat de muur de hoek omgaat. Rechts loopt de muur vijf meter door voordat hij ook daar de hoek omgaat. Ze volgen de muur en vinden geen andere toegangen. Wel zien ze dat er af en toe takken van een boom hoog boven de muur uitsteken. Aan de achterkant van de tempel zien ze een halfronde muur met ramen. Dat deel was niet zichtbaar in de tempel en zal dus achter het gordijn liggen.

Dr. Gueverra, Hoshiko, Jeanne en Danny zoeken een plaats uit waar ze ongehoord kunnen overleggen.
"Ik kijk hier wel even over de muur." zegt Hoshiko.
"Ok, hoe gaan we die tuin inkomen?" vraagt Dr. Gueverra, "Het lijkt me lastig de kampioensroute te volgen."
"Ik wil best wat orks doodschieten hoor, maar dan moet ik wel mijn wapen hebben." zegt Danny.
"Dat kan niet." zegt Dr. Gueverra, "Want de poort is dicht. Wat doen we als het misgaat?"
"Dan ben je een dief, geen moordenaar." zegt Danny.
"Dan worden de priesters misschien heel boos." zegt Dr. Gueverra, "En gaan ze je artfully in kleine stukjes hakken. 'Kijk, hij is nog niet dood, knap hè?'"
"Tegen priesters maken we nog een kansje in plaats van tegen de orks." zegt Danny.
Hoshiko voegt zich weer bij de anderen.
"Ik heb nog een deur in de zijkant van de tempel gevonden, vlak achter die tussenmuur."
"De artiesteningang voor kampioenen, of de ingang voor de godin." zegt Jeanne.
"De artiesteningang voor de godin." zegt Danny.
"Ik ga nu op het dak kijken." zegt Hoshiko en verdwijnt over de muur.
De anderen lopen naar het plein voor de tempel en zien net dat een priester met een dampende schaal eten de poort naast de tempel uitkomt en naar de voordeur loopt. Daar klopt hij aan en overhandigt de schaal met eten aan de priesteres die nog steeds binnen zit.

"We hebben afleiding nodig als we naar binnen willen gaan." zegt Dr. Gueverra, "Dat kan Jeanne wel doen, maar waarom gaat die priester niet door de zijdeur? Dat is toch raar. Hij volgt niet de kortste route."
"Dan heb je de sleutel niet." zegt Danny.
"Waarom heb je de sleutel niet?" vraagt Dr. Gueverra.
"Dat is alleen de ingang voor de kampioenen." zegt Hoshiko die weer is aankomen lopen.
"Of die ingang is echt voor de godin." zegt Danny.
"Ja, die ook zij niet mogen gebruiken." zegt Dr. Gueverra.
"Of hij is alleen open op de dag dat je bij het standbeeld mag komen?" vraagt Jeanne.
"Dan hadden we dat wel gezien in het gras." zegt Dr. Gueverra.
"O ja, omdat dat net verleden week was." zegt Jeanne.
"We kunnen proberen het slot open te krijgen." zegt Dr. Gueverra, "Ik vraag me ook af waarom Robert niet zelf naar binnen is gelopen. Kennelijk kan hij dat niet. Krachtvelden of zo?"

"Ik heb verder nog gekeken. Die zijdeur is afgesloten met een speciaal slot. Er zit een sleutelgat, maar ik weet niet wie de sleutel zou hebben. Misschien wel niemand."
"Die deur wordt dus niet gebruikt? Vreemd." zegt Danny.
"Ik heb ook nog bij het bovenlicht gekeken. Er zit een soort rek boven met wat verweerd cement, dat kan ik er wel afhalen, maar dat maakt lawaai en naar beneden gaan is niet zo makkelijk. Het is best hoog."
"Dat deurtje is de beste optie." zegt Dr. Gueverra.
"Dan zijn we wel met zijn allen in de tuin." zegt Jeanne, "Is het een zware deur of van hout?"
"Het is een goede deur." zegt Hoshiko.
"Er zit alleen iemand binnen." zegt Dr. Gueverra, "Misschien doen we dan help, help, help, charm? Misschien kan Maltene ons nog verder helpen. Het is nu nog veel te vroeg. Ik vraag wel aan die bedelaars waar Hendrick zit.

De bedelaars zijn na een paar muntstukken behulpzaam en sturen ze naar een straatje tussen twee eetgelegenheden door. Het huis waarin Hendrick kamers verhuurd ligt in een smalle steeg verder op in het straatje. Als ze bij het gebouw aankomen is het een behoorlijk pand waar allerlei kleine kamertjes zijn.
"Je bent genept, Dr. Gueverra, ze hebben je naar een hoerenkast gestuurd." zegt Jeanne.
"Wel nee, het klopt gewoon." zegt Dr. Gueverra, "Ik zit alleen geen nummers of naambordjes."
"Ik vraag het wel bij de eerste deur." zegt Danny en klopt. aan.
Een schaars geklede vrouw doet open.
"He, leuk dat je er bent, kom binnen." zegt ze, doet een half stap naar achter en gebaart dat Danny naar binnen kan lopen, "O, je bent met meer, dat kan ook hoor."
"Eh," stamelt Danny, "Dank je wel, maar ik ben op zoek naar Maltene. Welke kamer heeft ze? Dit is toch het huis waar Hendrick kamers verhuurd?"
"Ja, hoor, dat klopt. Volgens mij is ze er niet. Ik denk dat ze in De Gouden Harp zit, dat is een taveerne aan het plein."
"Dank je wel."
"Tot ziens he, je bent altijd welkom!"

De Gouden Harp is een van de goedkopere eetgelegenheden aan het plein. Het is zeven uur, dus het is spitsuur en er is niet echt een tafeltje vrij.
"Dit is meer de vergulde harp." zegt Danny, "Ze kunnen wel een opknapbeurt gebruiken."
"Kijk, Maltene zit aan de bar." zegt Jeanne.
"Ik ga kijken of ik een tafel kan krijgen. Ik wil wel iets eten." zegt Dr. Gueverra.
"We hebben wel haast hoor." zegt Hoshiko.
"Ok, dan ga ik wel met Maltene praten." zegt Jeanne, "Bestel ook maar iets voor mij."

Jeanne loopt naar de bar en gaat naast Maltene zitten waar nog een plaats vrij is.
"Hoi, ik ben Jeanne, klopt het dat jij een priesteres bent in de tempel van Charita?"
"Hoi, Maltene, eh, ja, eh nee, ik ben adept, geen priesteres."
"Ok, ik was net in de tempel en ik wilde nog iets weten over de zijdeur. Waarom gaan de priesters daar niet doorheen?"
"De deur achter het hek? Ja, dat is de deur waar alleen de godin door mag komen. Hij is altijd op slot. De godin heeft een sleutel, maar er moet ook altijd een priester of priesteres in de tempel zijn die een kopie van de sleutel heeft voor het geval Charita plotseling komt en haar sleutel is vergeten."
"Is zij er ooit geweest?"
"Niet dat ik weet."
"Ik hoorde dat de kracht van Charita is afgenomen, maar ook inspirerende verhalen over kampioenen."
"Ik zou de priesters niet allemaal geloven."
"O, is er iets aan de hand?"
"Daar kan ik hier niet echt iets over zeggen."
"Kunnen wij je dan ergens anders spreken?"
"Straks achter de tempel."
"Ok, dan komen we als we gegeten hebben."
"Dan zie ik jullie straks."

"Zo hier is het eten." zegt Hoshiko, die het eten zelf is op gaan halen bij de toog.
"Het ziet er niet verkeerd uit." zegt Dr. Gueverra en hij neemt voorzichtig een hap, "Het zal wel niet volgens de laatste voedselveiligheidsstandaarden klaargemaakt zijn."
"Jij hebt ook altijd iets te zeuren." zegt Danny.
"H'm best lekker, aanvaardbaar." zegt Dr. Gueverra, "Jeetje, zit niet zo te schrokken, Danny."
"We hebben haast." zegt Danny, "In ieder geval Hoshiko en ik."

Na een paar minuten, als ze hun eten haastig hebben weggewerkt lopen Dr. Gueverra, Hoshiko, Jeanne en Danny de taveerne uit, terug naar het plein, waar het nu iets rustiger is omdat iedereen aan het eten is, en naar de muur aan de zijkant van de tempel waar ze met Maltene hebben afgesproken.
"Hoi, dit zijn mijn vrienden. Wat is er nu precies aan de hand in de tempel?" vraagt Jeanne.
"Volgens mij spannen de hogepriesteres Delania en minimaal één van de andere priesters, Leranton, samen met de orks. Ik hoorde Delania tegen Leranton zeggen dat er vannacht een groep orks en tovenaars of shamanen komen om de diadeem mee te nemen."
"Dat is ernstig." zegt Danny.
"Het is toch niet zo moeilijk om die diadeem van het standbeeld af te halen?" vraagt Hoshiko.
"Dat is niet de echte diadeem."
"Aha!" zegt Dr. Gueverra.
"De echte is ergens verborgen in het heilige der heilige. Daar ben ik zelf ook nog niet geweest. Maar ik hoorde dat ze die niet zomaar mee konden nemen."
"Het is wel moeizaam als de priesters van de tempel niet meer te vertrouwen zijn." zegt Dr. Gueverra.
"Kunnen we die orks en priesters overvallen?" vraagt Danny.
"Ze komen in het midden van de nacht, om drie uur of zo."
"Dat is te laat." zegt Hoshiko.
"Kunnen we dan niet door de zijdeur gaan? Aankloppen?" vraagt Danny.
"Geen idee." zegt Maltene.
"De godin vindt het vast prima als we de zijdeur gebruiken waar ze zelf doorheen gaat." zegt Danny.
"We hebben drie opties." zegt Dr. Gueverra, "De voordeur, de zijdeur en het dakraam. Ik moet alleen wel de juiste spullen hebben om die zijdeur open te maken."
"De zijdeur is wel de beste optie." zegt Hoshiko.
"Ik kan wel bij die bedelaars vragen waar ik ergens lock picks kan kopen."
"Ok, dat gaat dan wel even duren. Halen jullie mij op als jullie klaar zijn om de tempel binnen te gaan?"
"Ga jij ook mee dan?" vraagt Jeanne.
"Ja, ik ben hier om Charita te dienen, ik zie niet hoe ik dat beter kan doen dan te voorkomen dat de diadeem in handen van de orks valt. Ik wacht in de Gouden Harp."

Dr. Gueverra gaat voorop en loopt naar de voorkant van de tempel waar de bedelaars nog steeds tegen de sokkel van het beeld geleund zitten.
"Goedenavond, wil iemand iets verdienen?" vraagt Dr. Gueverra, "Ik ben mijn huissleutel vergeten en nu ben ik op zoek naar bepaalde gereedschappen om mijn deur open te krijgen zonder dat ik het slot hoef te vernieuwen."
"Daar kan ik wel bij helpen!" springt een wat oudere bedelaar op.
Hij ruikt afgrijselijk en ziet eruit alsof hij zich al maanden niet heeft gewassen.
"Ok, wie ben je?"
"Vincent."
"Ik heb hier wat munten voor je als je me naar iemand kan brengen die zulke zaken voor mij heeft."
"Mijn neef Marc in het smidsekwartier heeft precies de dingen die je zoekt."
"Ok, ga maar voor."

Vincent leidt ze door de stad naar het smidsekwartier dat vlak bij het kasteel ligt. Er worden hier niet alleen lock picks gemaakt. Als ze langslopen zien Dr. Gueverra, Hoshiko, Jeanne en Danny dat de smeden hier naast gebruiksvoorwerpen ook wapens en pantser smeden. Vincent gaat achterom bij één van de smeden en klopt op de deur. Vrij snel doet een stevige smid de deur open. Hij is niet zo groot als sommige van de anderen, kennelijk is hij gespecialiseerd in kleiner werk.
"Vincent? Wat doet jij hier? Wie zijn dit?"
"Hoi Marc, deze heer wil graag wat van je speciale gereedschappen kopen."
"Heeft hij daar geld voor?"
"Misschien geen geld, maar wel andere bijzondere gereedschappen die nuttig kunnen zijn voor het uitoefenen van je vak." zegt Dr. Gueverra.
"Dat wekt mijn interesse, kom binnen."
Marc doet de deur verder open en laat ze binnen in zijn werkplaats.

"Waar ben je precies naar op zoek?" vraagt Marc.
"Ik moet een klein, maar goed gemaakt slot open zien te maken."
"Delicaat? Enig idee wie de maker is?"
"Nee, helaas, geen idee."
Marc gaat naar zijn bureau en pakt daar uit een lade een kistje waar hij onderin een leren etui met metalen staafjes haalt.
"Deze zijn all round, hiermee zou je een eind moeten komen."
"Die zien er prachtig uit. Zeer kunstig gemaakt."
"Deze kosten twee zilveren hoofden."
"Tja, zoveel geld heb ik niet, maar ik heb wel dit speciale gereedschap."
Dr. Gueverra rommelt in zijn tas en haalt er twee titanium tangetjes uit.
"Zeer stevig materiaal, zal niet verbuigen en heeft een fantastische grip."
Marc neemt de tangetjes over en bekijkt ze nauwkeurig.
"Wat een bijzondere gereedschappen, nog nooit eerder gezien. Ligt prima in de hand. Ja, ik denk dat we hier wel een deal mee kunnen sluiten."
"Uitstekend." zegt Dr. Gueverra en stopt het leren etui weg, "Het was mij een genoegen zaken met u te doen."
"Succes met wat u van plan bent te gaan doen."
"En jij ook bedankt." zegt Dr. Gueverra en geeft Vincent een paar bronsstukken.

Op de weg terug naar de tempel van Charita bespreken ze wat ze gaan doen.
"Het plan is dat we over de muur klimmen, ik maak het slot open, Jeanne stapt naar binnen en zegt 'Ik ben de godin.'"
"Maar die priesteres heeft Jeanne al gezien." zegt Hoshiko.
"Ja, dat is een ding. H'm, een vrouw zou de diadeem meenemen naar een ver oord. Waarom niet Maltene?"
"Is er dan één persoon in de tempel?" vraagt Jeanne.
"Dat is een aanname." zegt Danny.
"Ik kan haar wel kalm houden." zegt Jeanne.
"De vraag is 'Wie hoort er nog meer bij?'" zegt Danny, "Die priesteres die nu in de tempel zit, Sara, ook?"
"Dat wisten we al." zegt Hoshiko.
"Nee, dat wist ze niet." zegt Danny, "Dan hebben we twee scenario's. Als ze er bij hoort dan gaat ze dood. In het tweede geval moeten we haar koest houden."
"Als de deur niet open kan, wat dan?" vraagt Dr. Gueverra.
"Forceren?" vraagt Jeanne.
"Op het dak?" vraagt Hoshiko.
"Waarom op het dak?" vraagt Dr. Gueverra.
"Om het raamwerk open te maken." zegt Jeanne, "En anders is het een Chinees geluksmannetje."
"Haal jij Maltene op?" vraagt Danny.
"O, en misschien heeft ze nog iets van een deken zodat we over die scherpe potscherven op de muur heenkomen."

Om kwart over acht staan Dr. Gueverra, Hoshiko, Jeanne, Danny en Maltene bij de rechterzijmuur die om de tuin van de tempel heenloopt. Hoshiko wacht even tot twee mensen de straat hebben verlaten en klimt dan snel omhoog, legt de deken die Jeanne met Maltene heeft gehaald over de scherven en bevestigt een touw aan de boom zodat de anderen omhoog kunnen klimmen. Gelukkig kan Maltene aardig klimmen en binnen een paar minuten staan ze in de tuin van de tempel.
"Sst", gebaart Hoshiko en hij maakt een gebaar dat hij om de achterkant van de tempel heen gaat lopen. Hoshiko verdwijnt in het duister en komt al vrij snel terug.
"Er zitten twee priesters buiten op een plaatsje." fluistert hij, "Ze drinken wat."
"Moet iemand bij de poort aankloppen?" vraagt Dr. Gueverra, "Dan loopt er een weg."
"Of we wachten tot ze naar binnen gaan." zegt Danny.
"Dit is wel een probleem." zegt Dr. Gueverra, "Als je er één uitschakelt is er nog één."
"We kunnen er ook heenlopen en zeggen 'Hallo, wij komen namens de godin.'"
"De ingang is alleen voor de godin, niet voor anderen." zegt Dr. Gueverra.
"Ok, dan wachten we tot ze oprotten." zegt Danny.

"Wat zou zo belangrijk zijn dat ze hier weggaan?" vraagt Jeanne.
"Dat er iets mis gaat? Dat iemand hulp nodig heeft?" zegt Dr. Gueverra.
"Ik ga iets proberen." zegt Jeanne.
Ze sluipt naar voren tot ze de jonge mannelijke en vrouwelijk priester ziet zitten op het plaatsje voor de uitbouw waar waarschijnlijk de hogepriesteres normaal verblijft. Ze hebben twee stoelen en een tafeltje mee naar buiten genomen.
"Ga naar jullie hogepriesters toe. Ze heeft jullie nodig!" fluistert Jeanne.
"Hoorde jij dat ook?" vraagt de man.
"Wat?"
"Dat Delania ons nodig zou hebben, "Kijk daar is het weer."
"Ja, nu hoor ik het ook."
"Ik kijk even binnen of het daar vandaan komt."
De mannelijke priester staat op en gaat het gebouw binnen.

Hoshiko sluipt naar voren en weet de vrouwelijke priesteres, die nog in haar stoel zit, ongemerkt te naderen. Hij haalt uit en probeert haar neer te slaan zonder dat het geluid maakt. Het neerslaan lukt, maar hij is niet snel genoeg om haar goed vast te houden. Ze valt uit haar stoel, bovenop het tafeltje dat omvalt, waarna de bekers en schalen die erop stonden met geraas op de grond vallen. Ook de olielamp die erop stond valt op de grond, er loopt olie uit en er ontstaat een brandende olieplas op de grond. Hoshiko sleept snel de vrouwelijke priesters uit de gevarenzone en bindt haar vast.
"Waar is die andere?" vraagt Danny, die zijn Desert Eagle heeft getrokken.
"Nog steeds binnen." zegt Jeanne, die haar Glock heeft gepakt.
Ze wachten een paar minuten, maar er verschijnt niemand. Dan gaat opeens de poortdeur open en even later weer dicht.
"Zij heeft geen sleutels bij zich." zegt Hoshiko.
"Er is er één weggegaan." zegt Jeanne.
"Een weggegaan?" vraagt Dr. Gueverra, die al bezig is om het slot open te krijgen, "Hebben jullie die niet tegengehouden?"
"Ik heb hem niet eens gezien." zegt Jeanne.
"Niet gezien?"
"Dit slot is eenvoudiger dan ik dacht, het is open. Jeanne, ga jij voorop?"
"Ok."

Jeanne doet de zijdeur open en stapt met alle zelfverzekerdheid van een godin de tempel in. De priesteres, Sara, zit op een bed aan de andere kant van het standbeeld. De kast aan die kant blijkt geen kast maar een bed te zijn. De priesters kijkt vreemd op en staat op. Jeanne loopt naar binnen en zegt: "Ik ben de godin!"
"Eh, ja, zeker, vanmiddag was je hier ook al."
Ze blijft rustig voor het bed staan, ook als Dr. Gueverra en Hoshiko naar binnen stappen, die laatste met zijn getrokken katana.
"Ik blijf hier bij de deur staan, voor het geval die ander weer door de poort komt." zegt Danny.
Jeanne schuift direct het gordijn open en ziet daarachter een halfronde ruimte met in het midden een altaar. Aan de kromme wand hangen op gelijke afstanden zeven banieren met daarop de beeltenis van Charita, van links naar rechts: Charita schildert in de natuur, Charita aan het dansen, Charita bespeelt de harp, Charita met de diadeem op, Charita aan het zingen, Charita op het toneel en Charita draagt iets voor. De beeltenis van Charita lijkt op die van het beeld.
"Ha, die moet ik hebben" denkt Jeanne.
Ze loopt naar het tapijt van Charita met de diadeem, schuift het tapijt opzij en ziet daar een deur. Ze aarzelt niet, doet de deur open en ziet een trap die in de dikke muur met een bocht naar beneden verdwijnt.

Dr. Gueverra ziet Jeanne door de deur stappen en kijkt eerst zelf achter een paar andere banieren. Daar zit geen deur, maar een ruimte achter waar spullen worden bewaard. Meestal zijn dat materialen die passen bij het banier, zoals danskleding, maar hij treft bij Charita draagt iets voor ook gokspullen aan en een kledingrek met gewaden voor priesters.
"Wacht, Jeanne is alleen naar beneden gelopen." zegt hij en gaat haar achterna.
"Ik ga met je mee." zegt Maltene.
Hoshiko en Danny staan een paar minuten te wachten. Danny houdt nog steeds de poort in de gaten en Hoshiko bewaakt de priesters.
"Waar zijn ze?" vraagt Danny.
"Naar beneden." zegt Hoshiko, "Maar waarom staan wij hier te wachten? Wij moeten die diadeem ophalen."
"Juist, kom we gaan ook naar beneden."
"Wat doen we met haar?" vraagt Hoshiko en knikt naar de priesteres.
"We nemen haar mee. Ik ga eerst, zij achter mij aan en jij sluit de rij. Als ze iets gek doet doorboor je haar met je zwaard. Lopen bitch!"
"Katana!"

Jeanne schijnt met haar zaklantaarn vooruit en doorloopt een aantal cirkels door de kromme gang tot ze eigenlijk niet meer weet welke kant ze oploopt, dan maakt de gang een bocht en komt ze in een lange, bijna twee meter brede aangelegde gang die langzaam naar beneden loopt. Elke 50 meter komt ze langs een prachtig gebeeldhouwd tableau in de zijmuren waar verschillende afbeeldingen opstaan, variërend van landschappen, tot dieren en gezelschappen. Na een paar honderd meter komt ze bij een stevige en kunstig versierde houten deur met een versierde metalen klink. Jeanne pakt de klink beet, duwt hem omlaag en een beetje tot haar verrassing gaat meteen open als ze duwt.

Voor haar ziet ze een ongeveer 12 bij 10 meter grote, natuurlijk gevormde grot met verschillende uitgangen. In het midden van de grot staat een bijna vier meter hoog standbeeld van, waarschijnlijk, Charita, Op haar hoofd draagt zij een diadeem met een groene steen, ze heeft een harp in haar hand en bij haar voeten zit een zwaan. Het beeld staat in een soort stenen vijver. Het standbeeld wordt van bovenaf verlicht en Jeanne hoort het geluid van vogels. Als ze omhoog kijkt ziet ze dat de wanden van de grot ver omhoog lopen, maar dat er geen plafond is en dat het licht afkomstig is van een maan. Ze schijnt even wat rond met haar zaklantaarn en ziet aan de linkerkant nog een verhoging. Voorzichtig stapt ze op het standbeeld als ze iemand in de gang aan komt horen lopen. Als ze zich omdraait ziet ze het schijnsel van een zaklantaarn en na korte tijd komen Dr. Gueverra en Maltene de grot inlopen.

"Ik ben benieuwd waar we nu zijn." zegt Dr. Gueverra, "Ik denk niet dat we onder de stad zitten."
"Nee, want je kan hier de sterren zien." zegt Jeanne en wijst omhoog.
"En wat is dat? O, wacht dat is een maan. Die hebben we natuurlijk niet op Argin."
"De diadeem zit op haar hoofd."
"Ga jij die pakken?"
"Het is wel wat hoog."
"Je kan een klimtouw om haar arm heen gooien?"
"O, ja, dat lukt wel."
Jeanne pakt een touw uit haar tas, gooit het over de arm heen en maakt het touw daarna vast. Ze klimt makkelijk naar boven tot ze op de arm zit en bij de diadeem kan. Op dat moment komen ook Dr. Gueverra, de priesteres en Hoshiko de grot binnen.
Jeanne pakt de diadeem.

Klap, klap, klap, horen ze vanuit een hoek van de grot. Dr. Gueverra schijnt er met zijn zaklantaarn naar toe, maar er is niets te zien.
"Heel goed, gooi de diadeem maar deze kant op." zegt een stem.
"Eh, nee."
"Ja, dat denk ik wel."
Plotseling verschijnt een gestalte van een vrouw achter Maltene, pakt haar van achteren vast en zet een dolk op haar keel.
"Het zou toch jammer zijn als het slecht met haar afloopt."
"Ach, dat interesseert met niet zo heel erg." zegt Jeanne.
"In dat geval. Kom ze werken niet mee."
De priesteres roept richting de openingen die Jeanne eerder had gezien. Vanuit twee openingen is nu beweging in het maanlicht te zien. Meerdere zwaar bepantserde en gewapende orks komen aanlopen. Hun maliënkolders rinkelen vervaarlijk, ze schermen een groot deel van hun lichaam af met een schild en zwaaien vervaarlijk met kromzwaarden.
"Maak het nu niet moeilijk." zegt de hogepriesters, want die stond hen hier natuurlijk op te wachten.

Jeanne zet de diadeem op haar hoofd en voelt dat de diadeem haar extra mogelijkheden geeft. Danny aarzelt niet en schiet direct op de orks, waarbij hij de leider in zijn knie raakt waardoor die achterblijft. Dr. Gueverra lost ook een schot en raakt een ork en die moet even bijkomen van de klap. Dr. Gueverra gooit zijn wapen op de grond en trekt zijn force knife om zich te kunnen verdedigen tegen een andere ork die doorloopt. Hoshiko stapt naar voren langs de priesteres en dekt Dr. Gueverra af met zijn Katana. Jeanne zit nog steeds op het standbeeld en vuurt ook op de orks. Dr. Gueverra en Hoshiko raken in een handgemeen met een ork en Hoshiko weet hem na een langdurige slagenwisseling te doden geïnspireerd door Charita. Helaas wordt hen geen rust gegund want twee nieuwe orks dienen zich aan.

Danny wil opnieuw op orks gaan schieten die uit de rechtergang komen, maar hij wordt door een soort pijl van water geraakt die de hogepriesters op hem heeft afgevuurd. Jeanne stopt de orks door er één neer te schieten, waardoor de andere achteruit deinst. Als Danny opnieuw door een waterpijl wordt geraakt klimt Jeanne van het standbeeld af. Danny wil nu op de hogepriesters schieten, maar die gebruikt Maltene als schild. Als Danny opnieuw door een waterpijl wordt geraakt rent Jeanne op hem af, roept, we moeten weg hier, sleept hem mee en wil door de deuropening de gang in rennen, maar daar staat nu opeens een aarden muur voor.
"Stond die priesteres hier net niet?" roept Jeanne.
"Die staat nu daar aan de andere kant." zegt Dr. Gueverra, die probeert om een ork met zijn force knife te raken, maar dat heeft niet veel effect. Jeanne deinst terug en richt nu op de hoge priesters, terwijl Danny langzaam bijkomt. Jeanne drukt af en de hogepriesteres beweegt net onvoorspelbaar zodat de kogel dwars door de keel van Maltene gaat. Bloed gutst uit haar keel en Jeanne ziet de angst in haar ogen.
"Het komt goed!" zegt ze en schiet nu de hogepriesters in haar been. Als ze nog een keer wil schieten verdwijnt die.

Hoshiko verweert zich kranig tegen de orks en ziet dat Dr. Gueverra een grote dolk uit de vijver pakt. Dat heeft alleen weinig effect op de effectiviteit van Dr. Gueverra's aanvallen. De situatie wordt nijpender als er op de verhoging een aantal orks verschijnen die elk met een kruisboog gaan schieten. Dr. Gueverra denkt geraakt te worden als de pijl vlak voor hem afbuigt. Jeanne en Danny schieten op de orks, raken er minimaal één, waarna de orks dekking zoeken. De situatie wordt onhoudbaar als nog meer orks uit de gangetjes stromen.
"Geef je over!" roept de hoge priesteres van achter de orks vandaan.
"Wat doen we?" vraagt Hoshiko.
"We hebben niet veel keus." zegt Danny.
"Ik ga eerst nog Maltene helpen." zegt Jeanne.
Terwijl de anderen hun wapens weggooien en door de orks tegen de grond worden gewerkt. Loopt Jeanne naar Maltene toe die levenloos in een groter wordende plas bloed op de grond ligt. Ze gebruikt de kracht van de diadeem en voor haar ogen sluit de wond zich en blijkt ook de inwendige schade zich wonderbaarlijk te herstellen. Maltene opent haar ogen.
"Op de grond!" roept een ork en ook Jeanne gaat op de grond liggen.
"Zo, geef die diadeem maar hier." zegt de hogepriesters, die enigszins hinkend naar voren loopt.
Jeanne overhandigt haar de diadeem en zegt "Hier is Hij, maar je zult er geen plezier van hebben."
Zodra de hogepriesteres de diadeem aanraakt krijgt ze een schok en laat ze de diadeem vallen. Een duidelijk brandwond is zichtbaar op haar hand.
"Neem hem maar mee, we krijgen hem later wel! Goed werk Sara! Dankzij jou hebben we ze te pakken."

De wapens van Dr. Gueverra, Hoshiko, Jeanne en Danny blijven achter in de grot en zij worden stuk voor stuk, omringd door orks, meegenomen door de tunnel naar de tempel. De hogepriesters loopt achter hen aan en maakt het hek naar de algemene zaal open. Ze durven toch niet de zijdeur te nemen. De hogepriesters en de orks nemen hen onder grote belangstelling door de stad mee naar één van de grotere torens aan de stadsmuur. Hier blijken cellen te zijn om criminelen tijdelijk vast te houden. Ze komen de toren binnen op de begane grond waar zo te zien een wachtportaal is. Hier moeten ze alles behalve hun kleding inleveren. Jeanne weigert de diadeem die ze nu weer op heeft in de kist te leggen waar alle andere spullen in verdwijnen. Ze geeft wel haar armband af en drukt, eigenlijk tegen beter weten in, toch het knopje nog even in.

Vanuit de begane grond gaat een wenteltrap een verdieping naar beneden waar hij in een gangetje uitkomt waar een aantal cellen zijn. Het stinkt hier en het is slechts verlicht door een paar kleine olielampjes. Dr. Gueverra, Hoshiko, Danny en Maltene worden in de eerste cel aan de rechterkant opgesloten. Bij het naar binnengaan ziet Dr. Gueverra dat de muur bestaat uit twee losse muren waar een soort metalen laag tussen is gezet. Ook de deur is gelaagd opgebouwd.
"H'm, iets met een force field." denkt hij.
Aan de muren zijn metalen boeien vastgemaakt, maar die worden nu niet gebruikt. De deur gaat achter hen dicht en ze horen dat er een balk op wordt gezet. Jeanne wordt alleen in de volgende cel opgesloten.

Na ongeveer een kwartier komt er een bewaker aanlopen.
"Zo, eens kijken wie we hier te gast hebben." zegt hij, opent het luikje en probeert met een lampje bij te schijnen zodat hij ziet wie er in de, relatief kleine, cel zit.
"Nou, dat is niet veel bijzonders, en hier?"
De bewaker doet het luikje dicht en loopt naar de cel waar Jeanne in zit en doet het luikje van die deur open.
"He, deze heeft nog een diadeem op." zegt hij.
"Ja, gewoon laten zitten." zegt de ander, "Later vannacht, of in de ochtend komen ze om ze te ondervragen."
"Laat me eruit." zegt Jeanne.
"Nou nee" zegt de bewaker, doet het luikje dicht en loopt weg.
"IK BEN DE GODIN CHARITA." zegt Jeanne met een enorm luide stem zodat de gevangen in de andere cel de trillingen in hun lichaam voelen, "OPEN DE DEUR!
De celdeur wordt opengedaan en de bewaker kijkt even angstig naar binnen, maar gaat er dan als een haas vandoor.

Jeanne loopt naar de andere celdeur, haalt de balk eraf en maakt hem open.
"We moeten weg." zegt ze.
"Ja, maar onze wapens dan?" vraagt Hoshiko.
"We moeten die bewakers ook nog overmeesteren." zegt Dr. Gueverra.
Dan is er boven iets te horen dat lijkt op een blasterschot en het gekraak van een deur.
"Wat was dat?" vraagt Maltene.
Voorzichtig lopen ze de wenteltrap omhoog en kijken in het wachtlokaal.
De bewakers die er eerst stonden zijn weg, in plaats daarvan staat er een soldaat in full combat armour en met een blaster rifle. Hij heeft een klein apparaatje in zijn hand en loopt naar de kist.
Jeanne loopt naar boven.
"Je bent hier gekomen!"
"Jeanne? Wat is er gebeurd? Hoe kom ik hier?"
"Stephen?" vraagt Danny.
"Ja."
"Ik weet niet hoe je hier komt, ik heb gewoon om hulp gevraagd."
"Het ene moment sta ik in de sportschool les te geven, het volgende moment sta ik hier midden in één of andere oude stad in dit pak. Hoe kom ik aan dit pak?"
"Misschien is het je eigen pak?" vraagt Dr. Gueverra.
"Eh, ja, misschien wel."
"Voelt het als je eigen pak."
"Ja, ja, eigenlijk wel."
"Dan zal het dat wel zijn."

Dr. Gueverra, Hoshiko, Jeanne en Danny pakken snel al hun spullen uit de kist, maar daar zitten alleen geen wapens bij.
"Nu snel de stad uit." zegt Danny.
"Ik moet mijn zwaarden nog hebben." zegt Hoshiko.
"We kunnen nu toch niet terug naar de tempel?" vraagt Dr. Gueverra.
"Nee, we moeten eerst die diadeem afleveren." zegt Danny, "Wat doet dat ding eigenlijk?"
"Je kan er bijzondere dingen mee doen." zegt Jeanne.
"Werkt dat ook bij anderen?" vraagt Danny.
"Je mag het wel proberen." zegt Jeanne en geeft de diadeem aan Danny, die hem direct opzet.
"Ja, ik voel het." zegt hij.
"Volgens mij moeten we hier weg, want ik denk dat ik ook in de stad wel de aandacht heb getrokken." zegt Stephen, "Waar moeten we heen?"
"Er is een uitgang waar het riviertje de stad uitgaat, daar is alleen een hek, maar met de force knives moeten we dat stuk kunnen maken." zegt Dr. Gueverra.

Na het blasterschot blijken veel mensen die waren komen kijken wat er allemaal aan de hand was gevlucht te zijn. Ze lopen snel naar het ijzeren hek in het water, maar dat is steviger dan gedacht.
"Dat gaat zo niet werken." zegt Hoshiko die in het water staat.
"Hebben we nog andere opties?" vraagt Stephen.
"We hebben touw, we kunnen vanaf de muur afdalen." zegt Dr. Gueverra, "Eerst via één van de torens omhoog en dan het touw zo vastmaken dat we het van beneden los kunnen maken, dan weten ze niet waar we zijn."
"Goed idee." zegt Stephen.

Dit keer gaat de uitvoering wel volgens plan. Ze komen geen wachters tegen in de toren of op de muur en klimmen ongezien en ongehoord naar beneden. Met ferme pas lopen ze terug naar Lichtvoorde. Ze gaan het dorp zelf niet in, want ze willen ongezien blijven.
"Nu op weg naar Mooilark." zegt Hoshiko.
"Eerst onze wapens ophalen." zegt Danny.
"We komen net uit de stad." zegt Hoshiko.
"De wapens die we af hebben gegeven bij de rebellen." zegt Danny.
"Hebben we daar dan wel tijd voor en niet voor mijn wapens?" vraagt Hoshiko.
"Ja, zo ver is dat niet." zegt Danny.

Dr. Gueverra en Danny gaan met Stephen de zakken met spullen ophalen, terwijl de rest zich verstopt in de buurt van Lichtvoorde.
"Het moet hier ergens zijn." zegt Dr. Gueverra, als ze bij de bosrand zijn aangekomen.
"Staan er twee man op jullie te wachten?" vraagt Stephen.
"Ja, dat hebben we afgesproken." zegt Danny.
"Ik heb twee heat signatures op 90 meter rechts in de bosrand."
"O ja, wacht, ik kan natuurlijk ook overschakelen op infrarood." zegt Dr. Gueverra, "Stom, ja, daar zijn ze."
Dr. Gueverra en Danny melden aan de rebellen dat ze hun doel hebben bereikt, nemen de spullen mee en keren snel terug naar Lichtvoorde. Vooral Hoshiko zit al vol ongeduld te wachten en staat erop dat ze direct doorlopen naar Mooilark, dat is zeker nog een uur lopen, helemaal in het donker. Hoewel het is niet helemaal donker. Hun pad wordt verlicht door een klein sikkeltje van de maan.

Om kwart voor elf komen ze aan in Mooilark. Het is een klein dorpje, nauwelijks groter dan Lichtvoorde, dat in een dal licht stroomopwaarts van Groot Zinderen. Alleen bij de taveerne en een enkele boerderij brandt nog licht. Ze lopen direct naar de taveerne en Danny opent de deur. De gelagkamer is vrijwel leeg. Alleen Robert de Verhevene zit in het midden aan een tafeltje met een beker, met zijn gezicht naar de deur.
"Het is gelukt! Mooi! O, maar jullie zijn niet alleen."
"Nee." zegt Dr. Gueverra, "Die priesters en priesteressen in de tempel bleken samen te spannen met de orks. Maltene had ze door en heeft ons geholpen."
"Maar wie is die man? Die heb ik niet eerder gezien en het lijkt erop dat hij uit jullie werkelijkheid komt."
"Ja, dat klopt." zegt Jeanne, "Iemand heeft hem opgeroepen of zo."
"Heel merkwaardig."
"Misschien is het wel de paladijn van Charita. Haar kampioen!" zegt Dr. Gueverra.
"Ik vind wel dat Maltene nu de diadeem moet krijgen." zegt Danny, "Zij is immers een priesteres van Charita." en geeft de diadeem aan Maltene.
Ze kijkt Danny even aan en zegt dan, "Ach priesters, misschien wel, nadat wat er allemaal is gebeurd."
Ze zet de diadeem op, ze denkt even na en zegt dan: "Ja, ik weet wat er moet gebeuren. Robbert je transgressies zijn je vergeven, maar ik heb wel je hulp nodig."

"Ik ook." zegt Hoshiko, "Mijn wapens liggen nog in Zilverberg en die moet ik hebben."
"Het zijn gewoon stukken metaal." zegt Danny.
"Jij blijft maar gewoon mijn cultuur beledigen." zegt Hoshiko, "Toon een beetje respect! Deze wapens hebben grote culturele, historisch en emotionele waarde. Ik moet ze terug hebben."
"Maar het is een uur lopen of zo, dat gaan we nooit halen." zegt Dr. Gueverra, "Bovendien komen we nooit zo de stad meer in. En waar zijn die wapens gebleven? Liggen ze nog in de grot? Zijn ze meegenomen?"
"Ik moet het proberen, want anders zijn ze weg."
"Ik weet eventueel wel iets." zegt Robbert, "Maar dat is wel risicovol. Als iemand de grot goed kan beschrijven kan ik daar wel een aantal of iedereen naar toe verplaatsen, maar er is ook een kans dat je op de verkeerde plaats terecht komt."
"Dat risico wil ik wel nemen." zegt Hoshiko.
"Ok, wie gaan er mee?"
"Wij gaan allemaal wel." zegt Danny.
"Eh, hoe komen we eigenlijk terug." zegt Stephen.
"Zij gaan vanzelf terug als de spreuk is geëindigd, maar ik weet niet hoe jij hier bent gekomen en hoe lang dat eventueel duurt."
"Nou lekker is dat."
"Goed, ik zal jullie verplaatsen naar de stad, daarna moeten wij weg voordat de orks ons komen zoeken Maltene."
Robbert mompelt wat en Dr. Gueverra, Hoshiko, Jeanne en Danny voelen een vreemde sensatie.

"En hoe was het?" vraagt een vrouwenstem.
Ze voelen allemaal dat ze liggen en als ze hun ogen open doen realiseren ze zich dat ze in één van de spelcapsules van Xtreme Adventures liggen.
"Dit is ons nieuwste spel, speciaal geschikt voor verjaardagsfeestjes of vrijgezellenfeestjes. De jarige job krijgt de rol van degene die de diadeem, of helm, of zo kan pakken. iedereen kunnen we wel matchen op een andere god."
"Maar eh, we dachten dat we een week weg waren geweest." zegt Danny, "Ik heb allemaal mooie spullen gekocht."
"Goed hè? We kunnen tijdelijk je herinneringen overschrijven zodat het lijkt alsof het heel lang heeft geduurd, maar eigenlijk is het veel korter."
"Dus mijn wapens?" vraagt Hoshiko.
"Die liggen nog gewoon thuis, als ze daar horen te liggen."
"Ja, nu je het zegt, herinner ik het me weer."
"Maar hoe zit het dan met de soldaat die plotseling kwam?" vraagt Jeanne.
"Het systeem is heel flexibel en kan reageren op wat je denkt, als het een hoog geloofwaardigheids gehalte heeft kan het daar iets mee doen. Als je er zelf maar echt in geloofd, zoals die soldaat, of dat MLA assault rifle."
"Nou, het is wel mooi hoor!" zegt Dr. Gueverra.
"O, en ik heb nog een aandenken voor Jeanne, een diadeem, helaas wel de goedkope variant."
"Nou, dank je wel." zegt Jeanne.
"Als jullie nog een keer willen, dit spel is over een paar weken overal te spelen."